Op een website met de toepasselijke naam www.willibrordbijbel.nl
vond ik twee vertalingen. Je kunt via de link naar de teksten, maar hieronder staan ze ook.
Psalm 51 |
|
| Willibrordvertaling | Nieuwe Bijbelvertaling |
| [1] Voor de leider van de muzikanten, een zangstuk op naam van David: | [1] Voor de koorleider. Een psalm van David, |
| [2] toen de profeet Natan naar hem toe gekomen was na Davids omgang met Batseba. | [2] toen de profeet Natan hem had bezocht, nadat hij met Batseba geslapen had. |
| [3] Wees mij genadig*, God die liefde bent; U, grenzeloze barmhartigheid, wis uit wat ik heb misdaan. | [3] Wees mij genadig, God, in uw trouw, u bent vol erbarmen, doe mijn daden teniet, |
| [4] Was mij schoon van schuld, reinig mij van mijn zonde. | [4] was mij schoon van alle schuld, reinig mij van mijn zonden. |
| [5] Ik beken: ik heb mij misdragen, mijn zonde klaagt mij voortdurend aan. | [5] Ik ken mijn wandaden, ik ben mij steeds van mijn zonden bewust, |
| [6] Tegen* U alleen heb ik gezondigd, ik heb gedaan wat in uw ogen slecht is. Waarachtig, uw vonnis is terecht, uw oordeel blijft onaanvechtbaar. | [6] tegen u, tegen u alleen heb ik gezondigd, ik heb gedaan wat slecht is in uw ogen. Laat uw uitspraak rechtvaardig zijn en uw oordeel zuiver. |
| [7] Ik ben schuldig vanaf mijn geboorte, mijn moeder werd in zonde zwanger van mij. | [7] Ik was al schuldig toen ik werd geboren, al zondig toen mijn moeder mij ontving, |
| [8] Waarheid* wenste U in het donker van de schoot, U liet mij, verborgen nog, wijsheid kennen. | [8] maar u wilt dat waarheid mij vervult, u leert mij wijsheid, diep in mijn hart. |
| [9] Reinig mij met hysop en ik zal schoon zijn; was mij en ik zal witter dan sneeuw zijn. | [9] Neem met majoraan mijn zonden weg en ik word rein, was mij en ik word witter dan sneeuw. |
| [10] Laat blijdschap weer volop mijn deel zijn, en laat mijn gebeente, dat door U werd gebroken, gaan dansen. | [10] Laat mij vreugde en blijdschap horen: u hebt mij gebroken, laat mij ook juichen. |
| [11] Wend uw ogen af van mijn zonde, wis al mijn schulden uit. | [11] Sluit uw ogen voor mijn zonden en doe heel mijn schuld teniet. |
| [12] God, schep in mij een zuiver hart, vernieuw mijn geest, maak hem standvastig. | [12] Schep, o God, een zuiver hart in mij, vernieuw mijn geest, maak mij standvastig, |
| [13] Verstoot mij niet, weg van uw gelaat, neem uw heilige geest niet weg van mij. | [13] verban mij niet uit uw nabijheid, neem uw heilige geest niet van mij weg. |
| [14] HEER, geef mij de vreugde van uw verlossing, sterk mij met uw grootmoedige geest. | [14] Red mij, geef mij de vreugde van vroeger, de kracht van een sterke geest. |
| [15] Dan zal ik verdwaalden uw weg kunnen wijzen, dan keren zondaars tot U terug. | [15] Dan wil ik verdwaalden uw wegen leren, en zullen zondaars terugkeren tot u. |
| [16] Verlos mij uit mijn sprakeloosheid*, o God, die mijn redder bent, en mijn tong zal uw goedheid loven. | [16] U bent de God die mij redt, bevrijd mij, God, van de dreigende dood,* en ik zal juichen om uw gerechtigheid. |
| [17] Heer, open mijn lippen en mijn mond zal uw lof verkondigen. | [17] Ontsluit mijn lippen, Heer, en mijn mond zal uw lof verkondigen. |
| [18] U wenst toch immers geen slachtoffers? U vindt toch geen voldoening in brandoffers? | [18] U wilt van mij geen offerdieren, in brandoffers schept u geen behagen. |
| [19] Een berouwvolle geest is een offer voor God. Een rouwmoedig, vermorzeld hart, zult U, o God, niet verwerpen. | [19] Het offer voor God is een gebroken geest; een gebroken en verbrijzeld hart zult u, God, niet verachten. |
| [20] Schenk* aan Sion weer geluk, dat is toch uw diepste verlangen; bouw Jeruzalems muren weer op. | [20] Wees Sion welgezind en schenk het voorspoed, bouw de muren van Jeruzalem weer op. |
| [21] Dan zullen zijn offers U zeker tevreden stellen; ontstoken en verteerd volgens voorschrift liggen jonge stieren weer op uw altaar. | [21] Dan zult u de juiste offers aanvaarden, offers in hun geheel verbrand, dan legt men stieren op uw altaar. |